donderdag 21 juni 2018

Brieven schrijven

Nu de nagelaten boeken van mijn vader langzamerhand zijn verwerkt wordt het tijd voor de rest. "Papier hier, papier daar" zei hij regelmatig, en man, o man, wat had hij daar veel van. Niet dat ik recht van spreken heb, want wij zijn hier net zo.
Als ik niet weet waar te beginnen, begin ik meestal op de plek waar ik ben. Er lag een stapeltje ongeregeld in de vensterbank, naast de tafel van Tante Sien.
Kijk eens aan, een brief van het Fries Museum.




Zoals bekend, ging mijn vader graag en veel naar musea. Zo ook naar het Fries Museum. Op een gegeven moment miste hij een schilderij waar hij erg op gesteld was: kindje met rinkelbel.
Sommige portretten worden een soort familie, als je toch in de buurt bent, wip je even aan.
De keer daarop: niets. De keer daarop: nog steeds weg.
Dus klom mijn vader in de pen.
Het museum reageerde, schreef terug en het schilderij (terug van een reis naar andere musea) werd weer opgehangen.
Het is een erg aardige en ook persoonlijke brief, ondertekend door de conservator.  Niets van die communicatie-training prietpraat, waardoor elke organisatie hetzelfde klinkt, en elke reactie even betekenisloos. Nee, dat heeft het Museum prima gedaan.

Mijn vader schreef vaker brieven, ook toen dat inmiddels "niet meer van deze tijd" was. Een fout in de nieuwe Bosatlas? Vader schreef. Een boreling in de familie? Reken maar op een brief in de bus.
Het begon familieleden op te vallen: "Een brief, wat bijzonder!"

Behalve van de brieven waren en zijn wij ook van de kaartjes. Als we ergens naar toe gaan, kopen we kaarten.Voor het plakboek, en om op te sturen. Maar het adressenlijstje wordt steeds kleiner. De gwoonte is, dat je kaarten stuurt aan diegenen, die jou kaarten stuurt. Slecht voor het milieu, roepen veel mensen. Die vervolgens een stapel boeken, wat kleding en een nieuwe telefoon op internet bestellen. En denk je dat die Google-centrales zo lekker zijn?

kaart van (schoon)zus en zwager

 Ik miste het nogal, dat ik op onze uitjes mijn vader geen kaartje kon sturen. Ik mis het nog steeds. Al gauw dacht ik, knap maar, dan stuur ik iemand anders wel een kaart.
Bij deze: ik ga mijn lijstje uitbreiden. Hoe vaak krijgen jullie nog leuke post? Geen rekening, verkapte reclame of berichten van instanties, maar gewoon, voor de gezelligheid? Niet vluchtig als een mail, of een app, of een FB-berichtje, maar een concrete afbeelding van iets moois, met zorg uitgezocht, met de hand geschreven, met een mooie postzegel?



Dus wees niet verbaasd als er opeens iets in de brievenbus ligt. Voel je niet verplicht iets terug te sturen, want daar gaat het me niet om. Die kaarten zeggen: hallo, we bestaan nog, we denken aan jullie, tot de volgende keer". Niet meer en niet minder.

Snail-mail heet dat. Ik ga straks eens even mooie zegels halen, want mijn voorraadje is op. We gaan er een fijne zomer van maken. Tot schrijfs!

vrijdag 15 juni 2018

Look-a-book: Sjoukje Bokma De Boer, Nynke van Hichtum, Troelstra

In het dorpje Nes in Noord-Friesland werd op 13 februari 1860, in het gezin van de predikant, een dochtertje geboren. Ze noemden haar Sjoukje. Aukje Holtrop heeft over deze Sjoukje een biografie geschreven van maar liefst 557 pagina's, plus noten, literatuurlijst, register en boekenlijst. Een hele pil.
Wat was er dan zo interessant aan deze mevrouw?
Om te beginnen leefde zij van 1860 tot 1939. Een tijd van enorme ontwikkelingen op allerlei gebied: politiek, industrie, kunst, geneeskunde; nieuwe ontdekkingen en nieuwe vaardigheden veranderden de maatschappij in een sneltreinvaart. Dat geeft al een heleboel stof tot schrijven.

Maar bij Sjoukje horen twee andere namen: die van Pieter Jelle Troelstra, met wie zij trouwde (en van wie zij later scheidde) en Nienke van Hichtum, haar schrijverspseudoniem, tegenwoordig meestal op deze, Nederlandse (dus niet Friese) wijze geschreven.




Feitelijk krijg je dus drie boeken in één band: het leven van een vrouw in die tijd, het leven met Pieter Jelle Troelstra en de politiek (met als uiteindelijk resultaat de invoering van het algemeen kiesrecht) én het leven en werk van de schrijfster Nienke van Hichtum.
Ik heb het hier over de schrijfster Sjoukje, over Nienke dus.

Nienke was geen fantasierijke schrijfster. Ze schudde de verhalen niet uit haar mouw. Wat ze deed was verhalen verzamelen: sprookjes, sagen, legenden. Maar ook de verhalen van de mensen om haar heen. Die bewerkte ze dan tot de boeken die we nu nog kennen, met Afke's tiental als het meest beroemde boek. Ondanks ernstige gezondheidsproblemen heeft Nienke veel geschreven, een niet aflatende stroom van boeken, recensies, kalenders, boekenlijsten, brieven, enzovoort. Daarnaast schreef ze artikelen, bijvoorbeeld over opvoedingsvraagstukken.




Ze had een heldere mening over aan welke eisen kinderliteratuur dient te voldoen en bracht die luid en duidelijk naar voren. Zo was ze erg precies in de keuze van de illustraties in haar boeken. Het gebeurde wel dat ze tot twee maal toe opgestuurde illustraties ronduit afkeurde en haar eigen favorieten naar voren bracht. Tjeerd Bottema, bijvoorbeeld. Ook was ze erg gesteld op het werk van Rie Cramer, en later van Cornelis Jetses. Ze had strenge opvattingen over de plaatsing van de illustraties, het te gebruiken papier, kortom, over het uiterlijk van het boek. Ze was sowieso uitermate zakelijk in haar onderhandelingen met uitgevers.


ietwat opgefriste (?) versie van Jetses ontwerp

Nienke van Hichtum was zeer uitgesproken in haar schrijverschap. Hoe ze als echtgenote en moeder was, wat haar eigen politieke opvattingen waren, dat is een ander verhaal. Ze was beslist niet politiek actief. In de strijd rond het vrouwenkiesrecht hield ze zich op de vlakte. Ze stond pal achter Pieter Jelle, maar politiek gezien was ze een idealiste, geen activiste.

Holtrop heeft geweldig haar best gedaan, archieven bezocht en geraadpleegd, veel gelezen, met veel mensen gepraat, zo heeft ze bijvoorbeeld diverse deskundigen geraadpleegd om te duiden wat er achter die slepende, maar vage gezondheidsproblemen stak, en toch blijven er vragen onbeantwoord.

Het is een overvol boek, dat mij in ieder geval enorm veel stof tot nadenken heeft gegeven. Het is wat rommelig misschien: al die ballen tegelijk in de lucht houden viel niet mee. Hier en daar valt het wat in herhalingen. Wel geeft het boek een geweldig beeld van de opkomst van het socialisme als politieke beweging: de partijvorming, het geruzie en gedoe. En dat alles vanuit een ongebruikelijke hoek bekeken, niet vanuit het grote, politieke perspectief, maar vanuit het kleine en persoonlijke.

Afrondend: met dit boek kan ik wel uit de voeten. Het maakt nieuwsgierig naar meer. Dat zijn de boeken waar ik van houd.


Sjoukje Troelstra Bokma-de Boer. 1869-1939

Schrijver: Aukje Holtrop
Omslagontwerp en binnenwerk: Suzan Beijer
2005, Uitgeverij Contact